Verordening lijkbezorgingsrechten

Gegevens van de regeling

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Graft-De Rijp
Officiële naam regelingVerordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten
CiteertitelVerordening lijkbezorgingsrechten
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Gemeentewet, art. 229

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen
Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftDatum ondertekening, Bron bekendmakingKenmerk voorstel
12-01-2011 01-01-2011 nieuwe regeling 23-12-2010 De Uitkomst, 04-01-2011 Rb10-055
12-01-2011 01-01-2011 nieuwe regeling 23-12-2010 De Uitkomst, 04-01-2011 Rb10-055

Tekst van de regeling

De raad van de gemeente Graft-De Rijp;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 23 november 2010, nr. 2010-055;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

BESLUIT

vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten.

Artikel 1. Begripsomschrijvinge

Deze verordening verstaat onder:

begraafplaatsen:
de algemene begraafplaatsen in de gemeente Graft-De Rijp;

eigen graf:
een graf/kindergraf, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
- het doen begraven en begraven houden van lijken;
- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

algemeen graf:
een graf bij de gemeente in beheer waarin aan ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

eigen urnengraf:
een graf, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
- het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

eigen urnen-nis;
een nis, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet worden van asbussen;

eigen urnenhouder:
een houder waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet worden van asbussen met of zonder urnen;

urn:
een voorwerp ter berging van een of meer asbussen;

asbus:
een bus ter berging van as van een overledene;

verstrooiingsplaats:
een door burgemeester en wethouders aangewezen plaats waar as wordt verstrooid;

asbezorging:
het bijzetten van een asbus met of zonder urn;

asverstrooiing:
het verstrooien van as;

grafbedekking:
gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf of gedenkplaats;

gedenkplaats:
een plaats ingericht om overledenen te gedenken;

beheerder:
de ambtenaar die belast is met het dagelijks beheer van de begraafplaatsen of degene die hem vervangt;

rechthebbende:
de rechthebbende op een eigen graf.

Artikel 2. Belastbaar feit

Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Artikel 3. Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

Artikel 4. Maatstaf van heffing en belastingtarief

  1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5. Belastingjaar

  1. Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

  2. Met betrekking tot de rechten genoemd in hoofdstuk 4.2 van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht.

Artikel 6. Wijze van heffing

  1. De onderhoudsrechten, bedoeld in hoofdstuk 4.1.1 t/m 4.1.5 van de tarieventabel, worden geheven bij wege van aanslag.

  2. De overige rechten van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 7. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten

  1. De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 4.1.1 t/m 4.1.5 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt zijn de rechten bedoeld in hoofdstuk 4.1.1 t/m 4.1.5 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 8. Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

De overige rechten van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 9. Termijnen van betaling

  1. De rechten moeten worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving.

  2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 10. Kwijtschelding

Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de rechten.

Artikel 12. Inwerkingtreding en citeertitel

  1. De “Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten”, vastgesteld bij raadsbesluit van 16 november 2000, laatstelijk gewijzigd op 12 november 2009, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking. 

  3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2011. 

  4. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening lijkbezorgingsrechten”.

Sluiting

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Graft-De Rijp, gehouden op 23 december 2010

de griffier                                                  de voorzitter

B.A.F.M. Meijland                                     H.R. Oosterop-van Leussen
 

Bijlage 1. Tarieventabel 2011

Tarieventabel 2011 behorende bij de Verordening lijkbezorgingsrechten.


Hoofdstuk 1 Verlenen van rechten
1.1 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf voor een periode van 20 jaar wordt geheven € 1.138,50
1.2 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.1 met 10 jaar wordt geheven € 569,25
1.3 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een kindergraf voor een periode van 20 jaar wordt een recht geheven gelijk aan de helft van het in 1.1. genoemde bedrag, zijnde € 569,25
1.4 Voor het verlengen van het uitsluitend recht op een kindergraf met 10 jaar wordt een recht geheven gelijk aan de helft van het in 1.2 genoemde bedrag, zijnde € 284,75
1.5 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf voor een periode van 20 jaar wordt geheven € 569,25
1.6 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.5 met 10 jaar wordt geheven € 284,75
1.7 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnenhouder voor een periode van 20 jaar wordt geheven € 1.138,50
1.8 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.7 met 10 jaar wordt geheven € 569,25
1.9 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnen-nis voor een periode van 20 jaar wordt geheven € 1.138,50
1.10 Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.9 met 10 jaar wordt geheven € 569,25

Hoofdstuk 2 Begraven
2.1 Voor het begraven van een lijk van een persoon van 2 jaar of ouder wordt geheven € 775,25
2.2 Voor het begraven van een lijk van een kind beneden 2 jaar wordt 1/4 van het in 2.1 genoemde recht geheven, zijnde € 194,00
2.3 Voor het begraven van een lijk in een algemeen graf wordt geheven € 1.445,75
2.4 Voor het gelijktijdig begraven van een lijk en een asbus wordt geheven € 922,75
2.5 Geen rechten worden geheven voor het begraven van een stoffelijk overschot van een kind dat kort na de geboorte is overleden en tezamen met de overleden moeder in een grafruimte wordt begraven.
2.6 De gewone uren voor het begraven zijn van 9.00 uur tot 15.30 uur op maandag tot en met vrijdag. Voor zover het begraven plaatsheeft buiten de gewone uren en op feestdagen wordt het bedoelde recht verhoogd met 50 %, tenzij het begraven geschiedt op last van het bevoegd gezag.

Hoofdstuk 3 Bijzetten van asbussen en urnen
3.1 Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven:
3.1.1 in een eigen-, algemeen- of urnengraf € 296,75
3.1.2 op een eigen-, algemeen- of urnengraf € 147,50
3.1.3 in een urnenhouder € 147,50
3.1.4 in een urnen-nis € 147,50
3.2 Voor de levering van een urnenputje wordt een recht geheven van € 108,50

3.3 De gewone uren voor het bijzetten van een asbus of urn zijn van 9.00 uur tot 15.30 uur op maandag tot en met vrijdag. Voor zover het bijzetten plaatsheeft buiten de gewone uren en op feestdagen wordt het bedoelde recht verhoogd met 50 %, tenzij het begraven geschiedt op last van het bevoegd gezag.

 Hoofdstuk 4 Grafbedekking en onderhoud
4.1 Voor het afgeven van een vergunning ter zake van het plaatsen of vernieuwen van de voorwerpen, bedoeld in artikel 17 van de Beheersverordening begraafplaatsen wordt geheven € 55,50
4.1.1 Voor het onderhoud van een eigen graf en het schoonhouden van het daarop geplaatste gedenkteken, wordt jaarlijks geheven € 95,00
4.1.2 Voor het onderhoud van een kindergraf en het schoonhouden van het daarop geplaatste gedenkteken, wordt jaarlijks geheven € 47,50
4.1.3 Voor het onderhoud van een urnengraf en het schoonhouden van het daarop geplaatste gedenkteken, wordt jaarlijks geheven € 47,50
4.1.4 Voor het schoonhouden van de urnenhouder wordt jaarlijks geheven € 47,50
4.1.5 Voor het schoonhouden van de urnen-nis wordt jaarlijks geheven € 47,50
4.2 De rechten als bedoeld in 4.1.1 t/m 4.1.5 kunnen worden afgekocht voor het aantal jaren, dat het uitsluitend recht van hoofdstuk 1 is verleend, vermenigvuldigd met de op dat moment geldende rechten.
 

Hoofdstuk 5 Opgraven, ruimen, verstrooien
5.1 Voor het opgraven van een lijk wordt geheven € 1.045,00
5.2 Voor het na opgraven weer opnieuw begraven in hetzelfde graf wordt geheven € 384,25
5.3 Voor het na opgraven weer begraven in een ander graf wordt geheven € 775,25
5.4 Voor het opgraven of verwijderen van een asbus of urn wordt geheven € 149,75
5.5 Voor het ruimen van een graf op verzoek van de belanghebbende wordt geheven € 478,75
5.6 Voor het verstrooien van as op een verstrooiingsplaats wordt per asbus of urn geheven € 285,75

Hoofdstuk 6 Lijkschouwing
6.1 Voor het schouwen van een lijk door een gemeentelijk lijkschouwer wordt geheven € 95,00

Hoofdstuk 7 Inschrijven en overboeken van eigen graven
7.1 Voor het inschrijven en overboeken van eigen graven in een daartoe bestemd register wordt geheven € 3,00

Behorende bij raadsbesluit d.d. 23 december 2010.

De griffier van de gemeente Graft-De Rijp,

B.A.F.M. Meijland

 

Naar boven
hoog contrast